Interactie Cannabis en Medicijnen/Bijwerkingen

Admin   oktober 30, 2017   Reageren uitgeschakeld

Overleg altijd met uw arts bij het gebruik van medicijnen en cannabis!


 

Is er een interactie tussen cannabis en medicijnen die gebruikt worden voor de behandeling van ziekten?

Antwoorden:

Hoewel medicinale cannabis niet officieel goedgekeurd is, wordt mediwiet experimenteel gebruikt voor de behandeling van een waaier aan medische aandoeningen, zoals misselijkheid en braken naar aanleiding van kankerchemotherapie, gewichtsverlies door AIDS, en spasticiteit door neurologische stoornissen. Daar zijn ook andere drugs bij betrokken.

Tot op heden werden geen ongunstige wisselwerkingen door dit gebruik gemeld.

Het is evenwel niet zeker dat dit in werkelijkheid ook zo is. Als men niet naar iets zoekt, vind men het waarschijnlijk ook niet. (…) De gepubliceerde literatuur, tenminste voor wat betreft onderzoek bij mensen, was eerder sereen. Dat betekent doorgaans dat geen belangrijke interacties werden waargenomen tussen het dagelijkse marihuanagebruik in de realiteit en het experimenteel onderzoek. (…) Een van de belangrijkse toepassingen van het therapeutisch gebruik van marihuana en THC is het tegengaan van misselijkheid en braken door kankerchemotherapie. Daarbij worden cannabinoïden gebruikt gelijktijdig met veel hoogtoxische kankermedicatie. (…) In de rapporten over het gebruik van THC of marihuana bij patiënten gelijklopend met kankerchemotherapie, werd nergens melding gemaakt van een verhoogde toxiciteit van antikankermedicatie. De afwezigheid van dergelijke meldingen kan evenwel ook betekenen dat niet gezocht werd naar die informatie. Onderzoek in die richting zou moeten aangemoedigd worden. Een ongeveer gelijkaardige situatie doet zich voor met therapeutisch gebruik of oraal toegediende THC bij de behandeling van gewichtsverlies ten gevolge van AIDS. (…) THC of marihuana werd gebruikt voor de behandeling van neurologische stoornissen zoals multiple sclerose en ruggemergschade. Vermits THC kan toegevoegd worden aan de therapieën met spierontspanners zou het interessant zijn te weten of dergelijk gecombineerd gebruik schadelijk kan zijn. In een dierenonderzoek waarbij THC samen met spierontspanners werd toegediend, werd ontdekt dat de gewenste effecten van laatstgenoemde middelen versterkte. In dit geval kan de wisselwerking voordelig zijn.
(Gelieve er rekening mee te willen houden dat dit uittreksels zijn uit een wetenschappelijk verslag. Enkele zinswendingen werden aangebracht om de verstaanbaarheid enigszins te bevorderen.)
Hollister LE. Interactions of marihuana and D9-THC with other drugs. In: Nahas G, Sutin KM, Harvey DJ, Agurell S, eds. Marihuana and medicine. Totowa, NJ: Humana Press, 1999, pp. 273-277.

(Leo Hollister)


 

Cannabis en dronabinol (THC) werden gebruikt in combinatie met een veelvoud aan medicamenten zonder noemenswaardige wisselwerkingen.

Klinisch onderzoek in het begin van de 20e eeuw wees meermaals uit dat er

door de wisselwerking tussen natuurlijke cannabisprodukten en andere medicatie, een gewenste versterking optreedt van de therapeutische effecten

Ook in de moderne therapeutische concepten kan een combinatie van cannabis/THC en andere medicatie bij veel indicaties zinvol zijn. Cannabis werd illegaal door personen met verschillende aandoeningen gebruikt die een veelvoud aan geneesmiddelen ingenomen hebben, zonder dat klinisch relevante ongewenste wisselwerkingen gekend zijn. (…) Andere geneesmiddelen kunnen bepaalde werkingen van cannabis/THC versterken of bepaalde werkingen van die medicamenten kunnen door cannabis/THC versterkt of afgezwakt worden. Het is daarbij mogelijk dat bepaalde effecten versterkt en andere afgezwakt worden zoals dit bijvoorbeeld het geval is met Phenothiazine in samenhang met de nevenwerkingen van kankerchemotherapie (zie verder). Van klinisch belang is vooral de versterking van de kalmerende effecten van andere psychotrope substanties (alcohol, benzodiazepines) en de wisselwerking met stoffen die het hart beïnvloeden (amfetamines, adrenaline, antropine, beta-blockers, diuretics, tricyclische antidepressiva, enz.) (…)

* Anticholinergica: Atropine en Scopolamine kunnen de verhoging van de hartslag door THC versterken.

* Anticholinesterase: Physostigmine werkt remmend om de psychotrope effecten en de verhoging van de hartslag door THC.

* Antidepressiva (selectieve serotonine opnameremmers): THC kan het effect van Fluoxetine versterken.
* Antidepressiva (tricyclisch): De hartslagfrequentie, de bloeddrukverlagende en kalmerende effecten van Amitryptilline kunnen versterkt worden.
* Benzodiazepines: De verminderde activiteit van de ademhalingsorganen en het gehoor kunnen versterkt worden. Het anti-epileptisch effect kan versterkt worden.
* Beta-blockers: Ze verminderen de verhoogde hartslag ten gevolge van THC.
* Glaucoma: De oogboldrukverlagende effecten van verschillende glaucoma-middelen en van cannabinoïden kunnen additief werken.
* Neuroleptica: THC kan de antipsychotische werking van neuroleptica afremmen. Het kan de therapeutische effecten bij motorisch stoornissen verbeteren.
* Niet-steroïdale ontstekingswerende middelen (NSAID): Indometacine, acetylsalicylzuur (aspirine), en andere NSAIDs kunnen het effect van THC afremmen. Indometacine verminderde beduidend de subjectieve “high” en de hartslagversnellende effecten van THC.
* Opiaten: Versterking van het kalmerend effect en pijnstillend.
* Phenothiazine: Prochlorperazine vermindert de psychotrope effecten van THC en verhoogt de braakwerende effecten ervan.
* Sympathominetica: Amfetamine en andere Sympathominetica versterken de hartslagversnelling en de bloeddruk.
* Theophylline: De stofwisseling van Theophylline wordt door THC versneld. Daardoor zijn mogelijk hogere doses Theophylline vereist.
(Gelieve er rekening mee te willen houden dat dit uittreksels zijn uit een wetenschappelijk artikel. Enkele zinswendingen werden aangebracht om de verstaanbaarheid enigszins te bevorderen.)
Fried P. Pregnancy. In: Grotenhermen F, Russo E (Hrsg.): Cannabis and cannabinoids. Pharmacology, toxicology, and therapeutic potential. Haworth Press, Binghamton/New York 2001, in press.

(Franjo Grotenhermen)

 

Bron


 

Drugs en medicijnen (Trimbos)


 

bijwerkingen
Contra-indicaties
Het gebruik van cannabis wordt afgeraden bij patiënten met aanleg voor psychotische
stoornissen. Terughoudendheid is geboden bij patiënten met onderliggende psychische
problematiek.
Bij adolescenten (t/m 24 jaar) is de kans op het ontstaan van serieuze bijwerkingen –
zoals het ontwikkelen van een psychose – groter dan bij volwassenen.
Bij adolescenten dient cannabis met terughoudendheid te worden voorgeschreven
Bij het roken van cannabis ontstaan schadelijke verbrandingsproducten, waaronder
kankerverwekkende stoffen en koolmonoxide. Het is daardoor waarschijnlijk dat het frequent roken van cannabis gedurende een lange periode de gebruikers blootstelt aan
gezondheidsrisico’s die gepaard gaan met roken. Roken van cannabis kan de longfunctie
aantasten (histopathologische wijzigingen van het longslijmvlies) en de weerstand tegen
infecties verminderen. Regelmatige cannabisrokers kunnen faryngitis, rhinitis en COPD
(chronisch obstructieve longziekte) ontwikkelen.
tabak
Het roken wordt in beginsel ontraden.
Om schade door verbrandingsproducten bij het roken te voorkomen kan voor het inhaleren
van cannabis gebruik worden gemaakt van een (gecertificeerde) verdamper.
Als een patiënt toch wil roken moeten de gezondheidsrisico’s ten gevolge van het roken van cannabis worden afgezet tegen de ernst van de te behandelen aandoening.
Bij patiënten met hartziekten (hartritmestoornissen, angina pectoris) dient men terughoudend te zijn met het voorschrijven van cannabis vanwege de cardiovasculaire bijwerkingen (m.n.tachycardie).
Tolerantie voor deze effecten treedt op binnen enkele dagen tot weken. De dosering mag slechts langzaam worden verhoogd op geleide van de effecten op het hart.
Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie
Cumulatieve effecten zijn bekend bij het gebruik van cannabis in combinatie met andere
centraal – dempende stoffen zoals alcohol, benzodiazepines en opioïden. Bij combinatie van cannabis met opioïden kan de dosis van het opioïd vaak verlaagd worden bij een gelijkblijvend of verbeterd analgetisch effect en met minder bijwerkingen die worden veroorzaakt door het opioïd.
Dit geldt ook voor de analgetica die geclassificeerd zijn in stap 1 van de WHO – ladder.
Er is vrijwel geen onderzoek naar interacties met andere geneesmiddelen.
Vanwege het grote first-pass effect in de lever zijn vooral bij orale toediening van cannabis
farmacokinetische interacties denkbaar met geneesmiddelen die evenals dronabinol door de iso – enzymen CYP2C9 en CYP3A4 van het cytochroom P450 systeem worden afgebroken.
Geneesmiddelen met remmende eigenschappen op deze iso – enzymen zijn macroliden (m.n. claritromycine en erytromycine), antimycotica (itraconazol, fluconazol, ketoconazol enmiconazol), calciumant agonisten (m.n. diltiazem en verapamil), HIV-proteaseremmers (m.n.ritonavir), amiodaron en isoniazide. Het gelijktijdig gebruik van bovengenoemde
enzymremmende geneesmiddelen kan de biologische beschikbaarheid van dronabinol
vergroten en daarmee de mogelijkheid van extra bijwerkingen. Geneesmiddelen die via de
genoemde iso-enzymen de afbraak van dronabinol versnellen zijn rifampicine,
carbamazepine, fenobarbital, fenytoïne, primidon, rifabutine, troglitazon en sint-janskruid. Bij stopzetten van deze medicatie moet men rekening houden met een toename in de biologische beschikbaarheid van dronabinol.
Interacties zijn tevens denkbaar met geneesmiddelen die evenals dronabinol sterk plasma
-eiwit gebonden zijn.
Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen
Het gebruik van cannabis kan in het begin leiden tot verminderd reactie – en concentratievermogen.
Dit treedt met name aan het begin van de therapie op tijdens het vinden van de juiste dosering.
Vele dagelijkse bezigheden kunnen daarvan hinderondervinden.
Deelname aan het verkeer en het bedienen van machines wordt in beginsel afgeraden.
Als een gebruiker eenmaal goed is ingesteld en een steady state is bereikt zonder duidelijk aanwezige sedatie dan is deelname aan het verkeer in de meeste gevallen mogelijk.

Bijwerkingen

De psychische bijwerkingen die men van cannabis ervaart, kunnen sterk verschillen.
Ze hangen af van de hoeveelheid cannabis, de wijze waarop gebruikt wordt, de ervaring van de gebruiker met cannabis en de persoonlijke gesteldheid, zoals stemming op het moment van gebruik en de mate waarin betrokkene openstaat voor de effecten. Na het gebruik vancannabis kan men “high” worden. Dit is een gevoel van euforie dat langzaam verandert in een tevreden gevoel van kalmte en rust. Gebruikers kunnen onder de noemer “high” ook andere effecten ervaren, zoals ontspannenheid, vrolijkheid met lachbuien, honger, grotere gevoeligheid voor gewaarwordingen als kleuren en muziek, een verstoorde tijd-ruimte beleving, en loomheid. De veranderde waarneming kan gevoelens van angst, paniek en verwarring oproepen en bij mensen die zich voor het gebruik niet lekker voelen, kan de negatieve stemming erger worden. Ook worden rusteloosheid en slapeloosheid
gerapporteerd. Cannabis kan in zeldzame gevallen een psychotische reactie uitlokken,
gekenmerkt door wanen en hallucinaties. Er bestaat een relatie tussen cannabisgebruik en
schizofrenie, -een genetische predispositie blijkt hier een rol te spelen.
Adoslescenten zijn hierbij een kwetsbare groep.
De lichamelijke bijwerkingen die op kunnen treden bij het gebruik van cannabis zijn:
moeheid
tachycardie
orthostatische hypotensie
hoofdpijn
duizeligheid
gevoelens van warmte of koude in handen en voeten
rode branderige ogen
spierverslapping
droge mond
bij roken: irritatie van de luchtwegen
Deze effecten zijn tijdelijk van aard en verdwijnen enkele uren na het gebruik

keuzemedicijn